Filosofiecursus donderdag 9 april, aanvang 20 uur
Theorie: Hoofdstuk 9, Tussen herinnering en hoop Over bevlogen docenten, iPadscholen en narratief onderwijs

Op 30 juni 2013 schreef Joke Hermsen een opiniestuk in de Volkskrant onder de titel: ‘We willen een hannah arendt school in plaats van een steve jobs school.’ http://www.volkskrant.nl/opinie/we-willen-een-hannah-arendtschool-in-plaats-van-een-steve-jobsschool~a3467821/ In dat artikel verbaast zij er zich over dat vrijwel alle fracties van de Tweede Kamer de iPadschool van Maurice de Hond kritiekloos hadden omarmd. Op de website van het door Maurice de Hond opgerichte Onderwijs voor een Nieuwe Tijd, oftewel O4NT, wordt gesteld dat ‘de Ipads de overige leermiddelen zouden vervangen, dat de leerlingen zelf mochten beslissen, wat ze ‘leuk’ vonden, de rol van de docent nog slechts die van coach zou zijn en ook het schoolgebouw in de toekomst overbodig zou worden, omdat leerlingen net zo goed thuis online kunnen leren.’ (blz 208 Kairos) In tien stellingen houdt ze deze opvattingen, die sterk bepaald zijn door de moderne communicatietechnologie, kritisch tegen het licht en laat er goed beargumenteerd geen spaan van heel.

In hoofdstuk 9 Tussen herinnering en hoop Over bevlogen docenten, iPadscholen en narratief onderwijs, doet zij dat nog eens dunnetjes over. Dit keer wat filosofischer onderbouwd. Behalve Hannah Arendt speelt de filosofie van de hoop van de grote van oorsprong Marxistische filosoof Ernst Bloch een grote rol. Ze laat aan de hand van diens filosofie zien hoe het onderscheid tussen de herhaalde momenten (chronos) en het ‘vervulde moment’(kairos) van het grootste belang is. Citaat: ‘Losse feiten gevonden op internet zullen zelden inspirerend kunnen zijn, maar dfe docent die met zijn verhaal weet te enthousiasmeren, zal zijn of haar leerlingen bij tijd en wijle naar zo’n zeldzaam moment van inzicht, zo’n ‘vervullend ogenblik’, weten te leiden, waar het Bloch om te doen was, en waar alles even helder wordt en waar zij vervolgens nog jaren op kunnen teren.’ (blz. 229)